Van zeven cursisten tot landelijke speler: 20 jaar NLtraining
In 2004 lag de grondslag van NLtraining nog ergens tussen ambitie en frustratie in. Jeroen Prins werkte als commercieel directeur bij een opleidingsinstituut, Marnix Heida in zijn salesteam. Ze kenden elkaar al uit het werkveld. “Het klikte meteen,” vertelt Marnix. “We vulden elkaar goed aan, hadden dezelfde energie en drive. Alleen, het bedrijf waar we toen werkten liep niet meer zo lekker. En we dachten: dit kan beter.”
De twee droomden van een opleidingsorganisatie waar de kwaliteit van onderwijs écht centraal zou staan. Toen overname van hun werkgever niet lukte, besloten ze het dan maar zelf te doen. “Als het niet kan binnen die muren, dan beginnen we gewoon bij nul.”
Zo werd in 2005 NLtraining geboren, toen nog onder de naam Prins en Heida. “Niet erg origineel,” grapt Jeroen.
De start was klein maar vastberaden. “Onze eerste klus kwam via de gemeente Amsterdam: zeven cursisten, een lokaal, twee dagdelen per week. Dat was het begin.” Al snel groeide het project en volgden meer gemeenten. De kern van hun aanpak? Doen wat je belooft. “Veel opleiders verkochten mooie praatjes, maar leverden niet. Wij wilden het anders doen: goed lesmateriaal, ruimte voor docenten en hun ideeën, en zo écht onderwijs realiseren.”
Pionieren in een nieuwe markt
In die beginjaren bestond de NT2-markt nog nauwelijks. “Er was amper goed lesmateriaal voor cursisten. We hebben veel zelf moeten ontwikkelen, vaak samen met docenten. Dat was pionieren, maar ook ontzettend leuk.”
De eerste grote omslag kwam in 2007, toen de overheid commerciële partijen toeliet op de inburgeringsmarkt. “Dat was onze doorbraak. We konden meedoen aan aanbestedingen en gemeenten overtuigen met inhoud. Maar het betekende ook dat we in een markt terechtkwamen van pieken en dalen.”
Die cyclus – groeien, krimpen, opnieuw beginnen – is sindsdien onderdeel van het DNA van NLtraining. “Dat hoort bij ons ondernemerschap,” zegt Jeroen nuchter. “We weten: als je aanbestedingen wint, bouw je. En als ze wegvallen, moet je ook durven afbreken. Dat blijft pittig, want achter elke fase zitten mensen: docenten, collega’s, locaties waar je trots op bent.”
Van groei naar volwassenheid
In 2021 voelde het alsof de cirkel even rond was. De nieuwe Wet Inburgering werd ingevoerd en NLtraining leverde input voor de opzet ervan. “We kregen veel aanbestedingen gegund, dat was echt een erkenning. Gemeenten zeiden letterlijk: dit is het beste verhaal dat we hebben gelezen. Toen dacht ik: ja, nu staan we op de kaart.”
Toch bracht de nieuwe wet ook nieuwe uitdagingen. Gemeenten worstelden met de uitvoering, processen liepen stroef en de beloofde ‘lerende wet’ bleek in de praktijk weinig flexibel. “We hebben de afgelopen jaren veel geprobeerd om het systeem beter te maken, samen met gemeenten en via de branchevereniging. Soms lukt dat, soms niet. Maar we blijven zoeken naar wat wél werkt.”
Vooruitkijken: taal, werk en technologie
Ondanks alles blijft Jeroen optimistisch. “We zijn bevlogen, flexibel en betrokken – dat zit in ons DNA. We willen blijven vernieuwen, vooral door meer samen te werken met werkgevers. En we moeten veel slimmer omgaan met technologie: digitale leeromgevingen, AI-tools, apps waarmee deelnemers écht verder komen.”
Zijn droom voor de komende jaren is helder: “Dat we over vijf jaar terugkijken en zeggen: het was zwaar, maar we hebben het gered. En dat ons onderwijs beter is dan ooit – innovatief, mensgericht en in samenwerking met anderen. Want dát is waar het uiteindelijk allemaal om draait: mensen die groeien, en wij die met ze meegroeien.”